vrijdag 28 november 2014

Filosofie op zee

23 november

Zigzaggend speren we op Antigua af. Ongeveer om de 12 uur maken we een gijp. De wind is oost  tot noord-oost. Nog 600 mijl te gaan, hemelsbreed. In de praktijk  wordt dat door het telkens gijpen meer.
De huidige VMG, ofwel velocity made good (de snelheid waarmee we afstevenen op het doel) geeft een gemiddeld lagere snelheid aan dan de gemiddelde 'speed on the ground'. Zouden we recht op het doel af kunnen gaan, zou de VMG samen vallen met de SOG. De VMG is een handig instrument om te kijken of je eventueel over de andere boeg niet sneller bij je doel komt.
Er is deze maandagnacht weer veel meer wind dan gisteren.  30 knopen wind(Bf 6-7) vinden we hier aan boord normaal, het geeft ons op deze voordewindse koers een snelheid van ruim 10 knopen. 
We schatten nog 3 1/2 dag te moeten varen. 
De gasten doen mee aan een gokspelletje, waarbij ze voorspellen op welke dag en welk tijdstip we aankomen op Antigua en de 'spijker' overboord gaat. 
Het slapen was vannacht  beroerd door het schommelen van het schip. Hoe preciezer we proberen voor de wind te varen zonder de kans te lopen door een onverwachte gijp overvallen te worden, des te meer schommelen we van links naar rechts op de schuin achter op komende golven.  
Blijkbaar hebben de gasten hier ook last van. Als donkere zwijgzame schimmen verschijnen ze op het achterdek, slechts een slaperige groet mompelend. Ik herken ze aan hun stem.
Zo langzamerhand begin ik trek te krijgen aan vaste grond onder mijn voeten. Bij aankomst zijn we 16-17 dagen op zee geweest. De langste tijd aan één stuk varen die ik ooit meemaakte. 

25 november 
Boven mij staat een heldere sterrenhemel, langs het schip schuiven witte plakkaten schuim. We varen weer rond de 10 knopen. De wind gaat regelmatig naar de 30-35 knopen.
 De temperatuur is aangenaam, vannacht voor het eerst niet de lange broek aangedaan. 
 Er wordt minder wind voorspeld vanaf morgen. De gasten laten zich vandaag niet zien in de wacht. Ze missen de prachtige sterrenhemel. De maan is alleen in het begin van de avond te zien, laag in het westen. Een dunne sikkel, het eerste kwartier van een nieuwe cyclus. 

Ik realiseer me weer eens dat ik niet kan bevatten hoe groot het heelal is.  Sterren die honderden lichtjaren van ons af staan. Wat ik zie is niet wat er nu is, maar jaren oud. Ik kijk naar iets wat er misschien niet eens meer is. Ik zie geschiedenis. Varend op de Atlantische oceaan met twee weken alleen maar water om me heen is de afgelegde afstand van ons schip niet meer dan een ademtocht in het oneindige van het heelal. De beleving van tijd tijdens deze reis is al zo anders door het ontbreken van nieuws, internet en de drukte van het landleven. Ondanks het voortdurend in beweging zijn (er is geen moment dat we stilstaan) lijkt het ritme van golven en wind een soort basisrust te creëren. Op deze basisrust, zijn de dagelijkse routines en de taken die verricht moeten worden als peilers die vastigheid bieden. Door de beperkte ruimte, het schip, en de opzettelijk gecomprimeerde mogelijkheden, zijn we een maatschappij in het klein. Het contrast tussen het kleine en de onmetelijkheid om ons heen, scherpt mij en ik denk ook de andere opvarenden in het ervaren van bescheiden aanwezig zijn. 
Mijn taak en rol aan boord is op deze reis beperkt tot meelopen in de wacht en een beetje dokter zijn.  De neiging om alles mee te willen controleren kon ik door de competente en vooral verantwoordelijkheid nemende bemanning wat loslaten en af en toe een beetje gast zijn. Er waren  enkele medische probleempjes, die vlot op te lossen waren. Twee keer heb door kunnen slapen omdat de tweede engineer graag een wacht wilde meelopen.    
We verwachten morgenavond of overmorgen  aan te komen op Antigua. De motor heeft alleen de eerste uren vanaf Gran Canaria en een paar uur tijdens de eerste week gedraaid omdat er geen wind was. Twee weken lang voeren we over dezelfde boeg, alleen de laatste dagen zijn we voor de wind aan het afkruisen. Jeroen zei dat als we een breefok (zoals op de Wylde Swan)hadden gehad, we er al geweest zouden zijn. 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten