dinsdag 21 juli 2015

De grens over, we zijn weer in Nederland

Terwijl ik in een soort bootsmanstoeltje aan een vreemd soort kraan hang, wordt ik langzaam naar een eilandje in de plas getransporteerd. Om de plas zie ik bomen en strandjes. Ik heb geen idee wat ze met me willen. Het water tien meter onder me ziet er helder blauw uit en ik realiseer me dat het er schoon uitziet. Met een plotseling geratel voel ik dat ze de kabel waar ik aan hang laten zakken tot vlak boven het wateroppervlak. Vlak voor me vliegt een rode wouw. In de verte zie ik de hoge koeltorens van het Ruhrgebied en vind ze niet eens lelijk. Het water van de plas is veranderd in een kanaal en scherend over het water vlieg ik onder tientallen bruggen door die vrolijk geschilderd zijn in felle kleuren. De sluis waar ik invlieg loopt leeg en voor me gaan de schuifdeuren open. Ik wordt wakker en draai me nog eens tevreden om.

Op de  Bijlandplas bij Lobith liggen we met onze vrienden gebroederlijk naast elkaar voor anker. Het Duitse land hebben we verlaten en als  Batavieren zijn we op moderne boomstammen over de Rijn ons land binnen gevaren. Met de stroom mee voeren we in 4 1/2 uur van Duisburg naar Lobith. 
Terwijl de motor op 1600-1700 toeren draait komen we op een gemiddelde snelheid van 16 km per uur. 
De grote vrachtschepen stuiven je voorbij met 18-20 km per uur. Het is opletten en we spreken af beiden op te letten wat er van achteren aankomt. 
Het zijn niet de grote jongens die de meeste golven maken. Het zijn de snelle grote speedboten die zonder op hun hekgolven te letten voorbij scheuren. Opsturen in de hekgolf is dan de enige manier om niet alle huisraad door het schip te laten vliegen. Op mijn boze reactie over de marifoon wordt niet gereageerd. Mijn woede en neiging alles wat los is geraakt overboord te gooien, verdampen gelukkig snel door stukjes troost-chocolade, klaargelegd door mijn lief. 
   
Het Mittellandkanaal is ons ondanks een paar saaiere stukken meegevallen. Er is veel te zien onderweg en de sluizen houden je scherp. Het in bedwang houden van ons schip tijdens het stijgen en dalen in de sluizen ging steeds makkelijker door samen vanaf onze middenbolder met een lijn beurtelings een bolder in de sluiswand over te nemen en te beleggen. 
Enkele sluizen maakten het ons helemaal gemakkelijk door de aanwezigheid van Schwimmpollen, of wel 'zwem-bolders' die met het waterpeil mee stijgen of dalen. Vastmaken, bij het begin, even opletten of lengte van de lijn goed is afgesteld, en je kunt met een half oog op het gebeuren een kopje thee gaan drinken. 
Duitsland heeft veel te bieden qua waterwegen en we hebben maar een klein stuk bevaren. Er moeten nog veel prachtige gebieden te ontdekken zijn in het achterland tegen de grens van Polen in het voormalige Oost Duitsland. 
Vanwege het onstabiele weer kozen we dit jaar voor het binnenwater. De lage waterstand van de Elbe was een probleem. Hele stukken waren niet te bevaren en pas in de buurt van Hamburg dat alleen via het Elbe-Seitenkanaal te bereiken zou zijn, kon er op de Elbe gevaren worden. Het Duitse wad was ons niet gegund. De Oostzeekust lijkt ons, nu we het schip beter kennen, een mooi nieuw reisdoel. Misschien volgend jaar?
De Duitsers die we tegenkwamen waren meestal heel vriendelijk en behulpzaam. Als het gaat om netheid en opruimen vond ik Berlijn en Potsdam aan de smerige kant. Vuilnis werd laat opgehaald waardoor er veel rotzooi op straat om de vuilnisbakken lag. 
Brood bakken kunnen ze als de beste, en de plaatkoeken met vruchten zijn heerlijk. 
Misschien moeten de Nederlandse bakkers eens op cursus bij hun Duitse collegae. 
Samenvattend: Duitsland heeft veel te bieden voor de gemotoriseerde watersporter. De waterwegen zijn goed onderhouden en op veel plaatsen, al is het soms tegen stalen damwanden, kun je gratis je scheepje parkeren. De vele soms primitieve jachthaventjes worden bevolkt door aardige behulpzame mensen, al zijn de havens nog al eens ongeschikt voor grotere schepen met een breedte van meer dan 4 meter. 
Een belangrijke les die we leerden is om niet eerder een smalle haveningang naar binnen of naar buiten te gaan dan dat je zeker weet dat er niet een vrachtschip net voorbij gaat of is voorbij gegaan. De zuiging in de kleine havens is gigantisch en je schip beweegt zich in alle richtingen die je niet wilt. Een rollende pinball in een flipperkast is er niets bij. 
In de grote sluizen maakten we veel gebruik van de marifoon waarbij we de sluismeester of het voorliggende schip opriepen om te melden wanneer ze klaar waren met afmeren en hun schroef hadden uitgezet. Bij het uitvaren wachten we tot het vrachtschip de sluis heeft verlaten zodat je niet als een stuiterbal in zijn schroefwater door de sluis vaart. 
De komende dagen gaat het richting de IJssel, nog even genieten van dikke stroom mee en geen sluizen. 
In de haven van Doesburg schuift een grijze dame op leeftijd over de steiger. Ze loopt serieus en kijkt ook serieus, waarschijnlijk bang om op de gladde steiger te vallen. Op de tegenoverliggende motorboot hangen de bloempotten in de mast en de geraniums aan de reling. De volslanke oudere schipperse heeft een niemendalletje aan dat haar losse delen nauwelijks kan verbergen. Het regent zachtjes en we zijn helemaal tevreden met een Duveltje en een bakje sushi.

De Geldersche IJssel 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten